<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><rss version="2.0"
	xmlns:content="http://purl.org/rss/1.0/modules/content/"
	xmlns:wfw="http://wellformedweb.org/CommentAPI/"
	xmlns:dc="http://purl.org/dc/elements/1.1/"
	xmlns:atom="http://www.w3.org/2005/Atom"
	xmlns:sy="http://purl.org/rss/1.0/modules/syndication/"
	xmlns:slash="http://purl.org/rss/1.0/modules/slash/"
	>

<channel>
	<title>Indonesië &#8211; Sailing Black Moon</title>
	<atom:link href="https://www.sailingblackmoon.nl/category/indonesie/feed/" rel="self" type="application/rss+xml" />
	<link>https://www.sailingblackmoon.nl</link>
	<description>Sailing Black Moon</description>
	<lastBuildDate>Sat, 13 Jan 2024 06:45:25 +0000</lastBuildDate>
	<language>nl-NL</language>
	<sy:updatePeriod>
	hourly	</sy:updatePeriod>
	<sy:updateFrequency>
	1	</sy:updateFrequency>
	<generator>https://wordpress.org/?v=6.7.5</generator>

<image>
	<url>https://www.sailingblackmoon.nl/wp-content/uploads/2026/04/cropped-dji_fly_20250830_131936_387_1756549664027_photo_optimized-scaled-1-32x32.jpg</url>
	<title>Indonesië &#8211; Sailing Black Moon</title>
	<link>https://www.sailingblackmoon.nl</link>
	<width>32</width>
	<height>32</height>
</image> 
	<item>
		<title>Mijl voor mijl</title>
		<link>https://www.sailingblackmoon.nl/mijl-voor-mijl/</link>
					<comments>https://www.sailingblackmoon.nl/mijl-voor-mijl/#comments</comments>
		
		<dc:creator><![CDATA[Greetje]]></dc:creator>
		<pubDate>Wed, 10 Jan 2024 08:57:27 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Indonesië]]></category>
		<category><![CDATA[Maleisië]]></category>
		<category><![CDATA[Singapore]]></category>
		<guid isPermaLink="false">https://sailingblackmoon.nl/?p=9790</guid>

					<description><![CDATA[“Geef mij maar een oceaan…” Even weer alleen op de wereld, waar het bakken van een brood en het vangen van een vis de belangrijkste taken van de dag zijn. Gewoon weer even meebewegen op het ritme van de oceaan. Waar het water niet wringt en de tijd niet dringt. Tussen Indonesië en de Indische Oceaan liggen nog heel wat mijlen. Dat duurt dus nog even, en ook weer niet, want we zijn de hekkensluiters van het seizoen. “Ik kijk er echt tegenop” mijmer ik en houd onbewust mijn hart vast. Niels probeert me gerust te stellen: “Laten we het gewoon mijl voor mijl bekijken. En met een beetje mazzel vieren we je verjaardag op dit mooie eilandje, kijk.” Niels toont me wat plaatjes die regelrecht uit een brochure lijken te komen. Belitung, nog nooit van gehoord. Ons laatste Indonesisch eiland. Wederom zeven dagen varen: 800 mijl. Na een onwennig afscheid trekt mijn Zuid-Afrikaanse vriendin zich terug in hun boot. Gèrard en Jacqie blijven nog een paar maanden in Indonesië totdat het seizoen zich aandient om koers huiswaarts te zetten. Ze zwaait ons niet uit. Net wanneer we het einde van de baai in zicht hebben doet de motor ineens gek. Snel haal ik het gas eraf. “Het lijkt wel van de schroef te komen” zegt Niels en springt overboord. Al gauw haalt hij de boosdoener boven water: een kunststof zak. “Gelukkig zat ie nog niet verstrikt.” Ongelukkig loopt Niels hierbij weer een Bali-belly op. Wanneer Lombok achter ons aan de horizon verdwijnt, krijg ik nog een laatste appje binnen. Jacqie: “Ik mis je nu al!” Bijna in een waterhoos gevaren Mijlpaal: Belitung Zeven dagen en nachten ontwijken we visboten, ondergaan we squalls, overleven we op instant noodles. Ik trek een zoveelste grijze haar uit mijn hoofd: “Ik geloof dat ik deze week iedere nacht een jaar ouder ben geworden”. Vier boten liggen in de open baai van Belitung met hier en daar granieten rotsen. Het blijken tipjes van de ijsberg te zijn, want vele boten zijn vastgelopen en stukgeslagen. Wanneer we bij het toepasselijk genaamde strandcafé Rock &#38; Wreck een verjaardagsborrel doen komen we te weten dat blikseminslagen hier ook heel normaal zijn. Belitung heeft namelijk nog een belangrijkere grondstof: tin. Weer een stukje Nederlandse geschiedenis vanwege het mijnen ervan. Billiton klinkt inderdaad wat bekender in de oren. De volgende ochtend zijn de andere drie boten verdwenen. We hadden de kortste mast, dus met de gloednieuwe informatie over aantrekkende bliksemflitsen liggen we nu toch wat minder op ons gemak. Het originele plan om lekker te snorkelen en een excursie met de dinghy te doen wordt ‘m ook niet meer. De brochure plaatjes zijn natgeregend. We gooien de tanks vol, geven de motor nog een kleine onderhoudsbeurt en klaren uit Indonesië. Op naar Maleisië: 400 mijl. De granieten rotsen van Belitung Mijlpaal: Evenaar Als kerst in de tropen al een vreemde gewaarwording is, dan is kerst op zee de overtreffende trap. Zonder familie en vrienden, zonder lekker uitgebreid kokkerellen en lang natafelen, zonder gezellige lichtjes en een vreugdevuurtje, zonder een glaasje bubbels en een warme chocomelk. “Ik heb twee ideeën: vanavond moeten we allebei een klein feestmaaltje uit de kombuis toveren en vannacht, wanneer we de evenaar oversteken, een offer aan Neptunus schenken. Niels stemt mee in. Na wat gestoei met de zeilvoering besluiten we de motor maar bij te zetten. Zo kunnen we rustiger koken en eten. Tot zover de theorie. In de praktijk zag het er ongeveer zo uit: nee hè weer motorstoring, dieselfilter lijkt nu al verstopt, vervangen dan maar, grrr nog steeds lucht in het systeem, alle slangen controleren, nee is ‘m ook niet, dan maar een ander filterhuis, deze past niet, in deze zit een scheur, deze kan misschien, maar dan wel met die andere filter, die gebruikte filter?, ja die ja, gelukkig staat er weer wind, komen we in ieder geval nog wat vooruit, motor ontluchten, starten, valt weer uit, zo ook het daglicht, dag kerstdis, dag avondmaal überhaupt, ik durf het bijna niet te zeggen, nee ik het wil het niet horen, toch niet de dieselpomp zeker, het zal moeten, we naderen de evenaar mompel ik met mond vol koekjes, geen reactie, kijk dit asje uit de pomp is weer ingedeukt, in drie-twee-een en we zijn terug op het noordelijk halfrond, welkom thuis, zeg waar is dat reserve asje gebleven? De Singapore Strait over Mijlpaal: Singapore Strait “We got hit by lightning, that’s why we are not visible on AIS” antwoordt Niels over de radio. “Okay Black Moon, you may cross the channel.” Met dit plausibel leugentje voor bestwil krijgen we toestemming om de drukke vaarweg over te steken. Varen met AIS is verplicht, zonder riskeer je een flinke boete. Helaas is ons pakketje in Lombok nooit aangekomen, dus de eerstvolgende gelegenheid om er één te kopen ligt aan de overkant van dit kanaal. De verkeerscentrale roept alle schepen op dat zeiljacht Black Moon gaat oversteken. Kippenvel momentje! We koersen achter die ene zwarte en voor die andere rode, varen parallel aan de iconische skyline langs, tussen zowel geparkeerde als bewegende vrachtschepen in, onder de brug die Singapore met Maleisië verbindt door, en met een tropische regenbui de Marina van Puteri in. Onze Vetus krijgt een welverdiende aai over z’n bol. Mijlpaal: Puteri Marina Het is tweede kerstdag, 2023. De Marina regelt onze papieren en de buurboot reserveert een tafeltje aan wal. Boven op de kade is een kakofonie aan geluidjes, lichtjes en geurtjes gaande. “Wat een kermis” zeg ik wanneer we tussen een wereldkeuken aan eetkraampjes en karretjes in alle kleuren van de regenboog door slalommen. Voorbij de drukte rennen nog enkele kinderen achter een reusachtige bellenblaas aan. Filmmuziek lonkt ons helemaal tot aan het einde van de straat, waar een fontein ritmisch als een dirigent een showtje opvoert. En dit is nog maar een voorproefje. Black Moon in Puteri Marina, een kakofonie aan lichtjes, geurtjes en geluidjes op straat  Mijlpaal: Singapore City Na een paar dagen klussen en niksen nemen we...]]></description>
		
					<wfw:commentRss>https://www.sailingblackmoon.nl/mijl-voor-mijl/feed/</wfw:commentRss>
			<slash:comments>6</slash:comments>
		
		
			</item>
		<item>
		<title>Zeilersdementie</title>
		<link>https://www.sailingblackmoon.nl/zeilersdementie/</link>
					<comments>https://www.sailingblackmoon.nl/zeilersdementie/#comments</comments>
		
		<dc:creator><![CDATA[Greetje]]></dc:creator>
		<pubDate>Thu, 21 Dec 2023 07:33:54 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Indonesië]]></category>
		<guid isPermaLink="false">https://sailingblackmoon.nl/?p=9745</guid>

					<description><![CDATA[“Ik heb het zwaar” fluister ik in het donker. “Mhh, ik zit hier ook te knikkebollen” verzucht Niels. “Ja hee, één van ons moet wakker blijven!” We spreken af dat we na iedere tack om de beurt onze ogen kunnen sluiten. Klam en vermoeid zitten we tegenover elkaar in een zoute kuip. “Klaar om te wenden?” hoor ik Niels plots zeggen. Ik word ver uit mijn droom terug de realiteit ingezogen. De tien minuten leken wel tien seconden. Werktuigelijk sla ik de schoot rond de andere lier en wacht tot het voorzeil begint te klapperen. In zes lange halen probeer ik steeds zo snel mogelijk de schoot binnen te sleuren, zodat ik de lierhendel zo min mogelijk hoef te gebruiken en we sneller klaar zijn voor de volgende powernap. Het lijkt even alsof we weer aan een zomeravond competitie op de Maas deelnemen. Alleen kruisen we nu de hele nacht door. Zonder slaap, zonder maaltijd, zonder wedstrijdbeker. Puur op adrenaline en overlevingsdrang. Net wanneer Niels aan zijn hazenslaapje kan beginnen doemt de ene visboot na de ander op. Bij zonsopkomst zien we pas goed waarin we verzeild zijn geraakt: honderden spiderboats hebben hun netten uitgegooid&#8230; V.l.n.r. een spiderboat op zeil en het pompje waarmee we veilig naar binnen konden varen Spiderboats De vissers maken wilde gebaren om aan te geven in welke richting hun netten liggen. Maar dat wordt ons pas later duidelijk. “Ik denk dat hij ons die kant op wil sturen.” Voor de derde keer varen we recht over de marker, wat niet veel meer dan een vlaggetje van een kinderfiets voorstelt, en dus dwars over het net. Geluk bij ongeluk dat de motor defect is, anders hadden we het net rond de schroef gedraaid. Wanneer we na drie spannende uren de meeste spiderboats achter ons hebben gelaten en de wind invalt, maken we ons op om de baai en de marina van Lombok binnen te varen. “Ik heb nog een laatste troef” zegt Niels en houdt het elektrische pompje, waar we diesel mee tanken, omhoog. Door de brandstofpomp te omzeilen kunnen we de laatste twee uren toch de motor gebruiken. Zodra Black Moon veilig aan de mooring boei ligt, storten we allebei op de dichtstbijzijnde bank in. Marina del Ray in Lombok, onze veilige haven voor 3 weken Klassieker Normaal gesproken gebeurt er na een goede nachtrust iets magisch. Het is een welbekend fenomeen onder zeilers, die tijdens de uitputtingsslag zweren nooit meer een voet aan dek te zetten, maar zodra ze aan land zijn en een drankje of twee achterover hebben gegooid, die hun scherpe zintuigen heerlijk doen vertroebelen en de stramme lijven even doen ontspannen, alle voorafgaande ellende lijken te vergeten en zich vrolijk opmaken voor de volgende zeeslag, met de bijbehorende legendarische uitspraak “Zo erg was het nou toch ook weer niet?” Juist, een klassiek voorbeeld van zeilersdementie. Dit keer is het anders. Jawel, de ontvangst met bubbeltjeswijn door onze Zuid-Afrikaanse vrienden, was onbetaalbaar. Om je verhaal te kunnen delen met zeilers die precies begrijpen wat je doormaakt, zonder het knagende gevoel dat het lijkt alsof je zeurt of jezelf aanstelt. Meestal kan dit sociale vangnet je al voldoende doen opveren, om jezelf bij elkaar te rapen en vrolijk door te gaan. En we proberen het: we sleutelen aan de motor, bestellen de te vervangen onderdelen, controleren en repareren het tuig, doen canvasreparaties en wat online werk. De lijst gaat door. Als we een keer niet aan de pech en de hindernisbaan van de afgelopen weken terugdenken, dan piekeren we wel aan het doemscenario dat voor de boeg ligt. “Wat nou als we de motor niet snel genoeg aan de praat krijgen?” mijmer ik. “Dan zijn we een jaar langer onderweg” zegt Niels nuchter. “Oh.” Reismoe Ik nestel me in de nauwe stoel, gesp mezelf vast en bestudeer de vleugel vanuit het vliegtuigraampje. Morgen kunnen we in Nederland zijn, realiseer ik me en krijg een brok in mijn keel. Want op dit moment zou ik niets liever willen. Even een pauze van al dat gereis, even spijbelen van al dat geklus, even de vertrouwde armen van familie en vrienden om me heen. Even echt opladen. Want ik voel me leeg. Eerder tijdens onze reis hebben we een aantal stellen ontmoet waarbij de een al snel opgebrand raakt. Vaak door het meegaan in een andermans droom, dat zich in de werkelijkheid ontspruit in onbalans aan boord. Voeg daar nog het ingrediënt zeeziekte aan toe en je hebt het recept voor een enkeltje-vliegensvlug-naar-huis. De zeilersdementie is dan een perfect remedie, zeker wanneer je in het Caribische gebied rondvaart. Het leven aan boord gaat dan iets meer als vanzelf, vanwege het eeuwige vakantiegevoel (met de nadruk op gevoel, want een zeilreis is géén vakantie!) en de zeiltochtjes zijn nog maar amper een dag of wat. Eten kun je overal kopen en bootspullen, daar word je zowat mee doodgegooid. Indonesië is een ander verhaal. Noem het reismoe, noem het verwend, noem het opgebrand, noem het chronisch vermoeid. Het is van alles een beetje. Ik voel me als een spons, volgezogen door alle indrukken en intense gebeurtenissen, er kan momenteel niets meer bij. Er komen alleen nog maar tranen uit. Want we vliegen niet naar Nederland. Retourtje Ik bestudeer de vleugel en probeer overeenkomsten te vinden met het trimmen van een zeil. Niels zit onwennig aan de andere kant van het gangpad. We hebben allebei drie stoelen voor onszelf, toch voelt het benauwd. Voor het eerst in ruim drie jaar tijd staan we zelf niet aan het roer. De kleppen gaan open, de landing wordt ingezet. Hoppa, waar we straks tien volle dagen over doen, zijn we er nu in slechts drie uur: Maleisië. Al had het ieder willekeurig vlieghaven kunnen zijn &#8211; behalve Schiphol natuurlijk -, van het land zelf gaan we nog niets zien. We hebben een retourtje geboekt om een nieuw visum voor Indonesië aan te kunnen vragen. Wederom hebben we pech met bureaucratie. Lang verhaal kort: het immigratiekantoor in Lombok wil onze visa niet...]]></description>
		
					<wfw:commentRss>https://www.sailingblackmoon.nl/zeilersdementie/feed/</wfw:commentRss>
			<slash:comments>14</slash:comments>
		
		
			</item>
		<item>
		<title>Hindernisbaan</title>
		<link>https://www.sailingblackmoon.nl/hindernisbaan/</link>
					<comments>https://www.sailingblackmoon.nl/hindernisbaan/#comments</comments>
		
		<dc:creator><![CDATA[Greetje]]></dc:creator>
		<pubDate>Sun, 03 Dec 2023 00:49:18 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Indonesië]]></category>
		<guid isPermaLink="false">https://sailingblackmoon.nl/?p=9733</guid>

					<description><![CDATA[Vanuit de kuip staren we naar de heldere sterrenhemel boven ons. Daartussenin wiegt het toplichtje van Black Moon. Haar buikje glijdt over een vlakke zee vol sterrenstof en zeevonk. Met een zaklamp schijnen we over de reling in het water. Zodra de lamp uitgaat lichten honderden kwallen op. Aan, uit, aan, uit. Ik krijg er geen genoeg van. Een foto ervan maken is zinloos. Het zijn museummomenten die aan onze privécollectie worden toegevoegd. Tegen het einde van mijn wachtje zet ik de motor bij en maak ontbijt. Bij gebrek aan wind motorzeilen we al drie dagen, waarbij we ´s nachts niet veel meer doen dan driften. Niels komt langzaam uit bed en nestelt zich met een kop koffie bij me. “Fijn hè, weer op zee” zeg ik. We hebben nog geen twee slokken op als de motor ineens begint te protesteren. Het toerental valt volledig weg en dan is het ineens stil.   Midden op zee is de interne workshop weer uitgestald. “Ik leer veel te veel over deze motor” herhaal ik dagelijks. Na vier klusdagen is al het keuken- en toiletpapier er inmiddels doorheen. Het motorblok glimt van de diesel en de geur maakt ons misselijk. Ik offer een jurkje op, Niels een boxershort en de dag erop beiden nog eens een t-shirt. Vijf dagen spenderen we binnen in enkel ondergoed. Mijn bh zit onder de diesel- en olievlekken, maar dat maakt niet meer uit. De sluitingen waren toch al verroest door de zilte lucht. Inmiddels kan ik ook vloeken als een bootwerker. Ik zit helemaal in mijn rol. “En als sleutelen aan een motor nog niet spannend genoeg is…” antwoordt Niels steevast. “dan is dat sleutelen midden op zee wel.” Iedere tien minuten klauter ik door het trapgat, want de trap ligt al dagen horizontaal op de bank. Zonnebescherming aan, 360 graden rondkijken en het navigatiescherm controleren. We concluderen dat Indonesië één grote hindernisbaan is. Onze top 5 aan hindernissen: Hindernis 1: Scheepsverkeer “Er komt een tanker recht op ons af”, roep ik richting het motorruim. “We moeten echt de motor starten om uit te wijken!” Op de AIS (Automatic Identification System) kan ik de CPA (Closest Point of Approach) tussen de tanker en onszelf aflezen. In Indonesië is het verplicht om een AIS aan boord te hebben. Helaas zendt die van ons sinds een tijdje niet meer, dus kunnen andere boten ons niet plotten. Gelukkig kunnen we zelf nog wel ontvangen en zodoende weet ik dat de tanker slechts 15 minuten van ramkoers is. Vissers doen overigens niet aan AIS, zelfs niet aan de driekleuren navigatieverlichting. Met een enkele witte lamp proberen ze je aandacht te trekken om vervolgens naar rechts of links te schijnen, waarmee ze hun koersrichting aangeven. Oh, en dan zijn er nog verankerde FAD-boeien (Fishing Attracting Devices) en zelfs bamboehutten ter grootte van een tuinhuisje voor de visvangst. En deze zijn met een beetje pech onverlicht. Behouden vaart! TIP: Draai het wachtsysteem van de nacht om met overdag, zodat ‘s nachts een extra persoon op de uitkijk kan staan (zelf doen we het niet, omdat het voor ons onmogelijk is om overdag in de hitte te slapen). Een extra bemanningslid kan anders ook nuttig zijn. Een relatief klein vissersvlot met rechts ervan een FAD-boei Hindernis 2: Indonesië doorkruisen Onze route door Indonesië loopt vanuit het noordoosten naar het zuidwesten. In totaal hebben we 2.000 mijl te overbruggen. Dit is vergelijkbaar met de Atlantische oversteek van de Canarische eilanden naar de Cariben. En dat is dus veel. Bovendien bestaat Indonesië uit ruim 17.500 eilanden waar we doorheen moeten manoeuvreren met daartussenin stroomwijzigingen en kans op windeffecten. Heel eerlijk, we hebben het doorkruisen volledig onderschat. Met slechts een visum voor twee maanden en de start vanuit het Noordoosten in plaats vanuit het zuidoosten (via de Torres Strait vanaf Darwin) komen we enorm in tijdnood. We bezoeken waarschijnlijk slechts een handvol eilanden, waaronder Biak, Raja Ampat, Molukken, Lombok en Bali. En dan zijn we nog maar net over de helft. Merendeel van de tijd brengen we door op zee. Een zee vol hindernissen. TIP: De Noforeignland-app biedt (naast de standaard pilotboeken) praktische tips voor ankerplekken en faciliteiten, inclusief Google images van riffen en ondieptes (ook vooraf te downloaden, zodat je het offline kunt bekijken). Onze route door Indonesië tot zover op Noforeignland Hindernis 3: Plastic soep De zeeën, baaien en stranden liggen bezaaid met afval. Indonesië is met ruim 277,5 miljoen inwoners overbevolkt, maar het afvalprobleem is niet alleen hun schuld. De verpakkingen Unoxworsten komen toch echt uit Nederland. Wel blijken ze hier dol op plastic te zijn. Iedere appel of peer zit verpakt in zo’n kunststof-anti-deuk-netje, met daaromheen plasticfolie. Wanneer ik enthousiast naar mijn eigen rugzak of shopper wijs, wordt het stuk fruit alsnog steevast in een plastic tasje meegegeven. Voor boten is de plastic soep ook zeer risicovol. Het afval kan de inlaat van motoren met een koelwatersysteem verstoppen of de schroef verstrikken. Ook drijvende boomstammen kunnen de boot lelijk beschadigen, overdag zijn ze nog goed te spotten vanwege de vogels die erop meeliften. ‘s Nachts is het een ander verhaal. TIP: Zorg voor duikgerei en gereedschap om eventueel vanuit het water de troep rond de schroef en uit de motorinlaat te verwijderen. De fruitnetjes recyclen we om reservemotoronderdelen te beschermen Hindernis 4: Beperkte faciliteiten Waar veel mensen wonen, daar rijden (vracht)auto’s. Dus zou brandstof geen probleem hoeven te zijn. Zo dachten we. Maar betrouwbare brandstof is een tweede. De minst slechte diesel in Indonesië is Dexlite (en de minst slechte benzine Pertamax 92). Omdat we de lange noordelijke route hebben genomen, om Papoea-Nieuw-Guinea heen, is Fiji onze laatste stop geweest die bootonderdelen faciliteert (en dan nog zeer beperkt). Omdat we niet via Nieuw-Zeeland of Australië hebben gezeild, moesten we in totaal zo´n 3.000 mijlen en 3 maanden zonder bootfaciliteiten doorkomen. De motor moeten we dus tijdelijk repareren met reserveonderdelen en slimme trucjes, totdat we in Lombok/Bali zijn. Ook hopen we daar onze AIS weer in orde te krijgen. We willen namelijk niet...]]></description>
		
					<wfw:commentRss>https://www.sailingblackmoon.nl/hindernisbaan/feed/</wfw:commentRss>
			<slash:comments>11</slash:comments>
		
		
			</item>
		<item>
		<title>De pisang</title>
		<link>https://www.sailingblackmoon.nl/de-pisang/</link>
					<comments>https://www.sailingblackmoon.nl/de-pisang/#comments</comments>
		
		<dc:creator><![CDATA[Greetje]]></dc:creator>
		<pubDate>Thu, 23 Nov 2023 08:03:21 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Indonesië]]></category>
		<guid isPermaLink="false">https://sailingblackmoon.nl/?p=9714</guid>

					<description><![CDATA[“Jullie hebben een heel groot probleem,” zegt de Indonesische havenmeester in Ambon. Nou ja zeg, hij grijnst er gewoon bij denk ik in mezelf. Concentratie Greetje, in oplossingen blijven denken. Ik probeer het nogmaals. “Maar andere cruisers die bij aankomst ook zo´n “Port Clearance” zijn vergeten, hebben het alsnog in de volgende stad gekregen.” Ik toon hem een bericht als zijnde bewijs. Het slotpleidooi. Hij belt nogmaals met de desbetreffende havenmeester in Biak. “Dat kunnen we niet doen. Jullie moet echt terug naar Biak.” We protesteren dat het te ver is om binnen onze visatijd op en neer te varen. “Dan is er nog een alternatieve optie,” vervolgt hij en leunt ontspannen achterover in zijn leren bank. “Indonesië verlaten…”  Verslagen lopen we naar buiten. “Gaan we zes dagen op en neer varen voor een formuliertje, nee toch zeker?” De havenmeester komt ons achterna om de andere documenten van Customs, Immigration en Quarantine te kopiëren. Hoopvol overhandig ik hem ons heilige mapje en loop mee terug naar binnen, wellicht dat hij alsnog een oplossing heeft. Vervolgens legt hij het mapje in het midden op de salontafel en ploft weer op zijn bank. “We houden dit nog even hier,” grijnst hij weer. Als een kat in het nauw bereken ik of ik het mapje snel genoeg kan pakken en via welke route ik het beste weg kan rennen. Hij ziet het me denken. En ik zie hem denken: “Zo kunnen jullie niet stiekem wegvaren.” Nu zijn we écht de pisang! We voelen ons reuzen in een fietstaxi (betjak) of streekbusje, op de terugweg steevast bevoorrading mee Pingpongen We dachten even een weekendje Ambon te doen. Om de Molukse cultuur te snuiven, de Nederlandse geschiedenis te voelen en een Pisang Ambon of twee te drinken. Ambon is ook een hele goede stad om dingen te regelen en om de boot te bevoorraden na twee weken off-grid in Raja Ampat en de vele mijlen naar Lombok die nog voor de boeg liggen. Voor dit alles hadden we uiteindelijk ruimschoots de tijd. Tien dagen om precies te zijn. Tien keer naar het havenkantoor slenteren, wachtend op enige progressie. Terwijl het merendeel van het personeel tijdens kantooruren buiten staat te pingpongen. Achteraf gezien lijkt zes dagen op en neer varen een snellere optie. Maar geen betere. Iedere mijl die we afleggen gaat gepaard met risico. Met name de nachten varend te midden van ontelbare visboten en drijvende vlotten, al dan wel &#8211; of niet verlicht. Maar ook windstiltes, gecombineerd met beperkte diesel en een inmiddels lekkende waterpomp in het motorruim. Toch staan we iedere dag op het punt om uit te klaren, puur uit frustratie, met als bijkomend voordeel dat we in ieder geval bij terugkomst een nieuw visum kunnen aanvragen om Indonesië minder haastig te doorkruisen. En zo pingpongen onze gedachten dagenlang op en neer. “Wellicht kunnen we een wedstrijdje pingpong met ze aangaan”, grapt Niels. “Als wij winnen, krijgen we het formulier. En als we verliezen, klaren we per direct uit.” Formulieren ondertekenen in het havenkantoor met stickers tegen corruptie&#8230;  Bidden Terug naar Biak varen is in ieder geval echt geen optie. Voordat we tot uitklaren overgaan besluiten om eerst een excuusbrief naar de desbetreffende havenmeester te sturen. Via andere cruisers weten we dat hij zich op zijn pisang getrapt voelde, omdat we hem niet hadden bezocht. Vervolgens kwamen we pas te weten dat Azië als enig continent een vierde document vereist, de “Port Clearance”. Vandaar dat we ons nu hier in de eerstvolgende officiële “Port of Entry” melden. Dagenlang bidden we dat de excuusbrief een opening biedt om een dialoog aan te gaan om tot een alternatieve oplossing te komen. Onze lokale vriend Madjerd bidt met ons mee, zo zegt hij de volgende dag als hij ons weer op komt halen. Hij studeert toerisme en werkt als gids, maar helaas hebben we geen tijd en energie om de toerist uit te hangen. Al vanaf de eerste dag is hij met ons meegegaan als tolk. Als dank en voorpret geven we hem wat eurobiljetten. Volgend jaar, zodra hij afgestudeerd is, gaat hij namelijk voor de eerste keer naar Nederland om familie te bezoeken. Ik krijg instant heimwee. Tussen de bedrijven door trakteren we hem steevast op lunch. Hij weet de beste lokale eettentjes met de lekkerste pindasaus. Uren praten we; de Nederlandse geschiedenis, de Molukse cultuur en de verschillende religies die vredig naast elkaar leven. Madjerd is Christelijk, maar de meerderheid in Indonesië is Moslim. “Eén keer per jaar bezoeken we elkaars heilige tempel”, begint hij aan een mooie anekdote. “Aan het einde van de Ramadan bezoeken wij Christenen de moskee en koken we voor de Moslims om het Suikerfeest in te luiden. En op Kerstdag bezoeken de Moslims de kerk en maken ze muziek voor ons.” Ambon wordt namelijk de “City of Music” genoemd. En dat hebben we gemerkt… Al vanaf de eerste nacht bid ik of zowel de moskee als de kerk een toontje lager kan zingen. Heel eerlijk: het vormt niet bepaald een succesvol duet. Jefri’s drijvend visrestaurant met de stad Ambon op de achtergrond Ship Crime Investigation Het is niet geheel toevallig dat we Madjerd hebben ontmoet. Hij is een neefje van Jefri, de eigenaar van het drijvende visrestaurant waar we met Black Moon aan mogen liggen. Ankeren in Ambon is niet makkelijk, vanwege de enorme dieptes en sterke stromingen in de baai. Jefri ziet cruisers graag komen en ondanks dat hij geen woord Engels spreekt begrijpt hij onze behoeftes. Toen hij ons verwelkomde zei hij zo dankbaar te zijn dat wij bij hem “uit willen komen rusten”. Hoe lief! Hij helpt cruisers met van alles en nog wat. In ons geval gaat zijn hulp iets verder dan het bieden van een veilige haven, het regelen van diesel en serveren van verse vis. Bijvoorbeeld wanneer de Havenpolitie tot twee keer toe langskomt om ons te ondervragen… Jefri kent alle autoriteiten en probeert iedereen tevreden te houden met koffie en, hoe ironisch dan ook, Pisang Goreng. Madjerd schuift weer aan...]]></description>
		
					<wfw:commentRss>https://www.sailingblackmoon.nl/de-pisang/feed/</wfw:commentRss>
			<slash:comments>6</slash:comments>
		
		
			</item>
		<item>
		<title>De betoverde doolhof</title>
		<link>https://www.sailingblackmoon.nl/de-betoverde-doolhof/</link>
					<comments>https://www.sailingblackmoon.nl/de-betoverde-doolhof/#comments</comments>
		
		<dc:creator><![CDATA[Greetje]]></dc:creator>
		<pubDate>Tue, 07 Nov 2023 04:15:16 +0000</pubDate>
				<category><![CDATA[Indonesië]]></category>
		<guid isPermaLink="false">https://sailingblackmoon.nl/?p=9695</guid>

					<description><![CDATA[“Hard bakboord!” roept Niels vanaf de boeg. Als een malle gooi ik het roer om. Een tiental seconden later zie ik hoe we rakelings langs een aantal takken varen. Takken die toebehoren aan een enorm dwarsliggende boomstam. Dat scheelde niet veel. We gaan slechts drie knopen met de stroom mee en halen daarmee alsnog allerlei drifthout in. Iets raken zorgt voor een nare beschadiging tot wellicht een gat in de romp. De Noordkaap van Papoea, deels Papoea-Nieuw-Guinea deels Indonesië, staat er bekend om. Het is dan ook ’s werelds grootste tropische eiland. Na een paar uur stapt Niels verbaasd terug in de kuip. “We staken zojuist een kolkende lijn over”. Ik kijk op de instrumenten. “Ha, we zijn uit de stroming”. Hopelijk zijn we daarmee ook uit de doolhof aan drifthout ontsnapt. Nog een laatste nacht wachtjes lopen, dan zetten we voet op Indonesisch grond. Nieuw decor “Allahoe akbar” galmt er uit de speakers. Het is drie uur ‘s nachts. We zijn luid en duidelijk in een nieuw werelddeel. De salat gaat voor mijn gevoel nog uren door, toch word ik redelijk uitgeslapen wakker. Met een koffie op dek bekijken we ons nieuw decor. We liggen pal voor een kommetje waar dag en nacht visbootjes in- en uitgaan. Met links ervan een restaurant, die vanaf zonsondergang wordt omgetoverd tot karaoke bar. En rechts de moskee, die de karaoke midden in de nacht vrijwel naadloos opvolgt. Ondanks de hoge luchtvochtigheid gaan we in lange kleding aan wal om ons in te klaren. “Mister, mister, money, money!” roept het ene na het andere jochie op straat. Zowel Niels als ik worden aangesproken als mister, want dat vinden ze een netter woord dan toerist. Merendeel van de meisjes loopt in een jurk en met een hoofddoekje rond. Ze lachen allemaal vriendelijk. Jong en oud wil spontaan met ons op de foto. Biak is geen toeristische bestemming, dus we vallen als blanke zeilers nogal op. Als we zeggen dat we uit Belanda komen, worden we nog populairder. Degene die wat Engels spreken, vertellen dan dat ze familie in Nederland hebben en daar moet dan een selfie met ons naar toegestuurd worden. Bij de ATM komen we een jongetje in een oranje T-shirt tegen met “Nederland” erop gedrukt. We wijzen naar de tekst en dan naar onszelf om het te verduidelijken. Hij blijft ons niet begrijpend aankijken en vraagt in waarschijnlijk zijn enige Engels: “Money?” Met een uitpuilende portemonnee lopen we ongemakkelijk verder. We hebben zojuist miljoenen gepind en toch hebben we omgerekend maar een paar honderd euro op zak. Sommige briefjes zitten zelfs per tien aan elkaar geniet. Drie avonden op een rij proberen we alle soorten goreng op de menukaart voor zo´n 30.000 Rupiah. Zo lekker en goedkoop. Vanuit het restaurantje op de kade hebben we mooi uitzicht op Black Moon. We voelen ons trots. En bevoorrecht. Met de bijboot in de sloppenwijk om kannetjes diesel te halen, iedereen kwam kijken en wilden natuurlijk een selfie met ons Toegangspoort Biak is het eerste Indonesisch eiland in West Papoea en is een van de officiële toegangspoorten voor boten. Vooraf hebben we veel narigheid gelezen over corruptie. Zo vertelden ook onze Zuid-Afrikaanse vrienden, die via Australië aan de zuidkant binnen zijn gekomen, dat de autoriteiten geld, chocola, bier en sigaretten onofficieel afhandig maakten. En na onze laatste ervaring in Solomon waren we op het ergste voorbereid. We konden er niet verder naast zitten. Tijdens het bewandelen van de doolhof aan kantoren, verspreid door heel Biak, belandden we van de ene verrassing in de andere. Het immigratiekantoor is redelijk snel gevonden. Na onbeperkt gratis ijsjes, koffie en WiFi zijn onze paspoorten gestempeld. “En kom morgen gerust terug voor nog meer ijsjes” roepen ze na. Op naar het volgende loket: Customs. De autoritaire man vindt het wel gezellig en neemt zijn tijd. Terwijl hij de zoveelste sigaret opsteekt, videobelt hij nog even met zijn kleinzoon. Of wij Hollanders ook even gedag willen zeggen. Na twee uur duimen draaien lijkt het erop dat zijn goedkeuring wordt bezegeld met een stempel, totdat hij vraagt: “Zijn jullie eigenlijk al bij Customs geweest?” Op zijn uniform staat Coast Guard en dat is alleen voor groot vrachtverkeer. Dus… Het Customs kantoor ernaast heeft onze digitale formulieren al netjes gereed, waardoor we voor de állereerste keer deze reis niet alles opnieuw in hoeven te vullen. Daarna krijgen we spontaan een lift terug naar de ankerbaai, inclusief een tussenstop om een nieuwe startaccu te kopen. We lopen terug de stad in voor de Bio. Na een uur zoeken blijken we in het verkeerde Ziekenhuis te zitten. “Geen probleem, we geven jullie wel een lift”. En voordat we het weten worden we per Ambulance naar het juiste adres vervoerd om het papierwerk te regelen. De inspectie aan boord bestaat vooral uit wat selfies hier en daar. De dames vinden het leuk op de boot, maar ook erg heet geven ze toe. Op de visa en permits voor Raja Ampat na hebben we niets hoeven te betalen. Met een bootlading aan diesel, speculaasjes en hagelslag zetten we koers op Wayag. Helaas geen zelfonderhoudende accu hier, dus vullen met accuzuur. De poster boven de deur is deels Indonesisch, deels Nederlands. Over de grens In drie dagdelen motorzeilen we zo’n 150 mijl Noordwaarts. De Wayag eilanden in Raja Ampat liggen niet helemaal op de route en zelfs nét over de evenaar. Sinds 1 jaar en 9 maanden zijn we dus heel even terug op het Noordelijk halfrond. Met een pak speculaasjes erbij voelen we ons nog meer thuis. Later dit jaar, wanneer we richting Maleisië en/of Thailand gaan, laten we het Zuidelijk halfrond definitief achter ons. Maar eerst hebben we twee maanden Indonesië tegoed, met Raja Ampat wellicht meteen als hoogtepunt. Dit beschermd natuurgebied is écht een once-in-a-life-time bestemming. Voor ons althans. Hier komt werkelijk bijna niemand, ook niet vanuit de overbevolkte Indonesië. En dat vinden wij stiekem helemaal niet erg! Eivormige vulkanische rotsformatie waar Raja Ampat om bekend staat Ronddolen Een week lang liggen we voor...]]></description>
		
					<wfw:commentRss>https://www.sailingblackmoon.nl/de-betoverde-doolhof/feed/</wfw:commentRss>
			<slash:comments>6</slash:comments>
		
		
			</item>
	</channel>
</rss>
